De man maakte zich tussen november 2020 en maart 2021 schuldig aan cocaïnehandel. Daarnaast bereidde hij het verkopen, vervoeren, afleveren en verstrekken van cocaïne voor door onder andere in (versleutelde) chatgesprekken cocaïne te koop aan te bieden, inlichtingen te geven of te vragen, overleg te voeren over voorraden, reserveringen te doen van hoeveelheden cocaïne en het maken van afspraken over leverdata en betalingen.
Procesafspraken
Het openbaar ministerie en de advocaat maakten voorafgaand aan de zitting procesafspraken. De rechtbank besprak deze procesafspraken tijdens de zitting met de man. Hij bevestigde dat hij zich kon vinden in deze afspraken De rechtbank heeft de procesafspraken getoetst en oordeelt dat zij dit mee kan nemen bij haar beslissing. Wel stelt de rechtbank een iets kortere periode van de cocaïnehandel vast.
De rechtbank oordeelt dat het voorstel in de procesafspraken – 32 maanden celstraf en 68 duizend euro geldboete - passend is en in redelijke verhouding staat tot de ernst van de zaak. Hier neemt de rechtbank uitdrukkelijk in mee dat het voorstel niet alleen een efficiënte en voortvarende behandeling van de strafzaak oplevert, maar ook een effectieve afdoening van de zaak. Doordat zowel het Openbaar Ministerie als de man niet in hoger beroep zullen gaan, kan de man zijn straf direct uitzitten. De procesafspraken doen door dit alles ook recht aan de belangen van de maatschappij.
Positieve ontwikkeling
De rechtbank houdt bij de strafbepaling rekening met de procesafspraken, de grondslagen daarvan en het afdoeningsvoorstel. Hieruit valt een positieve ontwikkeling in het leven van de man af te leiden. De man lijkt te hebben gebroken met de drugswereld en heeft een vrouw en kinderen. Ook volgde de man opleidingen en heeft een baan. Daarnaast is de redelijke termijn met ruim zeven maanden overschreden. De straf die de rechtbank oplegt is gelijk aan de straf die de officier van justitie heeft voorgesteld.

19.9 ℃













